
Mijn eerste blik op de Kilimanajro. Nog 5.000 meter stijgen
Mijn laatste nacht breng ik door in het Springlands Hotel, gelegen net buiten Moshi. Dit stadje, gelegen ten zuiden van Mount Kilimanjaro, herbergt alle infrastructuur die klimmers nodig hebben. Meerdere hotels, bars en winkels zorgen voor de nodige ondersteuning van de vele avonturiers die hier jaarlijks passeren. Ondanks het feit dat ik deze expeditie alleen onderneem (met ondersteuning van een lokaal team) zitten we ’s avonds in het hotel met een 10-tal personen van over gans de wereld te keuvelen. Aan de tafel onder andere 2 Noren, een Amerikaan, 2 Canadese zusjes van rond de 60, een Australiër en een koppel Brazilianen. Allemaal zullen we morgen die berg optrekken via andere routes. Enkel Luke, een gekke Australiër en een Braziliaanse koppel (Maria & Julio) zullen via mijn route (Marangu) de berg beklimmen. Zij hebben echter de rechtstreekse beklimming gekozen, ik heb een extra dag geboekt op 3.700 meter om beter te kunnen acclimatiseren. Al heb ik daarmee plannen, maar daarover later meer…
Rond 20hr trek ik me terug op mijn kamer. Een laatste keer neem ik mijn bagage door. Ik heb ongeveer 14 kilo voor de drager, de rest blijft in het hotel achter. Het zijn deze momenten die ik het minst leuk vind. Je moet nog een nacht slapen, je denkt dat je er klaar voor bent doch dat weet je pas wanneer je morgen die eerste stappen zet. Je hoopt dat je niets vergeten bent al weet je dat ook pas vaak na enkele dagen. Laat ons op het beste hopen en trachten de slaap te vatten voor die o zo belangrijke dag morgen…
Dag 1: Marangu Gate (1.900 meter) => Mandara Hutten (2.700 meter) 4 uur stappen

Met mijn gids Alphani in de Mandara Hutten
Onvoorstelbaar: ik word gewekt door het alarm van mijn GSM. Ik heb 8 uur in één keer doorgeslapen: lang geleden dat dat nog is voorgevallen. Het is in elk geval de perfecte start. Bij het ontbijt toont de Kili even zijn ware, besneeuwde gezicht maar nog voor ik de camera vast heb trekt de hemel alweer dicht. We zullen het moeten doen zonder afbeelding.
De reden dat ik deze expeditie alleen doe is het feit dat ik hier in 2007 nog eens heb gestaan. Toen ben ik enkele honderden meters onder de top moeten terugkeren wegens de gevolgen van een zware voedselvergiftiging. Dit keer heb ik niets aan het toeval overgelaten. Zowel fysiek als mentaal ben ik klaar om de confrontatie aan te gaan met deze kanjer. Het is nu tussen mij en die berg. Tijd om af te rekenen.
Die eerste dag trekken we door het regenwoud. Lichte wandelbroek en T shirt aan, rugzakje met wat drinken en eten en weg zijn we. Niet te geloven dat we binnen 48 uren in een dikke jas rond zullen lopen en dan nog enkel kunnen dromen van de tropische temperaturen die er op dit niveau heersen. Op de lunchsite worden we in elk geval beziggehouden door een aap die het nodig vind om net boven onze tafel een show te geven. Wanneer dan even later een grote kraai ook nog de lunch van een andere klimmer inpikt is de hilariteit compleet. Het leidt alvast de aandacht even af: want uiteindelijk zijn we hier allemaal voor hetzelfde doel. Een doel dat met elke stap wat dichterbij komt. Toch heb ik ondertussen de nodige expertise in huis om te beseffen dat enkel de laatste dag telt: wanneer je midden in de nacht door de koude naar de top trekt. Dat is de echte beklimming. Al datgene dat daar aan vooraf gaat is slechts een klein opwarmertje.
Na een kleine 4 uur stappen komen we samen aan de Mandara Hutten aan op 2.700 meter hoogte. Samen met Luke en de Brazilianen delen ik een hut op deze leuke plek. Veel tijd om te rusten is er echter niet. Meteen wordt er me een kommetje met warm water voorgezet zodat ik me wat kan opfrissen. Nadien word ik verwacht in de grote centrale hut voor wat popcorn, nootjes en een tas thee. Wat een luxe om met zo’n team te klimmen. Mijn gids Alphani leidt alles in goede banen en drie dragers en een kok zorgen voor de rest.
Wakker worden boven de wolken blijkt indrukwekkend
Voor we deze eerste dag beëindigen trekken we samen nog naar de Maundi Crater. Deze kleine uitgedoofde vulkaan ligt op een klein half uurtje stappen van de hutten en oefent op mij een magische aantrekkingskracht uit. Ik kan het niet verklaren maar deze plek heeft iets mysterieus. Alsof alle krachten van de omgeving hier gebundeld worden. Wanneer ik hier over de kraterrand loop voel ik me sterker worden, voel ik me herboren worden. Ik weet dat het gek klinkt maar er is iets met deze plek…
Dag 2: Mandara Hutten (2.700 meter) => Horombo Hutten (3.700 meter) 6 uur stappen
Als allereerste trek ik met Alphani op pad. Wanneer de meesten nog maar net uit hun slaapzak komen gekropen heb ik al mijn ontbijt achter de kiezen en trekken we samen verder. Nog voor 7hr zijn we al op weg. Op weg naar een hoogte van 3.700 meter dit maal en dat doen we zo langzaam mogelijk. Net zoals gisteren slenteren we de berg op. Het leuke aan deze 2de dag is het feit dat je na amper een uurtje uit het regenwoud tevoorschijn komt en de omgeving een heel andere gedaante aanneemt. Eenmaal boven de 3.000 meter groeien er geen bomen meer en maakt het oerwoud plaats voor een meer heideachtige vegetatie. Als je geluk hebt kan je op deze dag dan ook genieten van prachtige vergezichten met als bijkomende motivatie het zicht op de top van de berg. Je kan net het zuidelijke ijsveld zien en Uhuru peak. Het lijkt verrassend dichtbij maar toch moet je in vogelvlucht rekenen op een afstand van meer dan 15 kilometer en een hoogteverschil van zo’n 2.800 meter… We zijn er nog niet, zoveel is duidelijk.

Mijn ganse team op de foto
Ook mijn collega klimmers (Luke en de Brazilianen) waren samen met mij vroeg uit de veren en vorderen langzaam maar zeker. Zij zullen morgen meteen doorstoten naar een hoogte van 4.700 meter om dan richting top te gaan. Ikzelf ga vanavond beslissen of ik mijn acclimatisatiedag opgeef om met hen mee te gaan. Voorlopig is alles onder controle en voel ik me bijzonder sterk. Net zoals gisteren neem ik geregeld een korte pauze om wat te drinken en te eten. Ik herinner me heel goed hoe ik in 2007 hier een slag van de hamer had gekregen omdat ik veel te weinig had gegeten. Deze fout maak ik niet meer en wanneer we aan de lunchsite komen stoppen we dan ook niet. Liever enkele korte pauzes nemen dan hier nu stil te gaan zitten om kou te lijden. Het weer is ook omgeslagen en we lopen al enkele uren door de wolken. Volgens Alphani kan het na 13hr gaan regenen, doch volgens zijn verwachtingen zullen we rond die tijd reeds aan de Horombo hutten zijn.
Bijna daar... op weg naar Kibo.
Alphani weet waarover hij het heeft want net voor 13hr staan we aan de hutten. Ik heb last van een lichte hoofdpijn doch verder heb ik geen problemen. Ook van vermoeidheid is er amper sprake. Alphani gunt me amper een half uurtje rust. We trekken meteen door naar de zogenaamde “Zebra Rocks”. Deze plek ligt net boven de 4.000 meter en geldt als acclimatisatiewandeling. Normaal doe je deze wandeling tijdens de rustdag, doch om te zien of we er klaar voor zijn trekken we er meteen naartoe. Een kleine 2 uur later staan we dan ook te genieten van een onovertroffen uitzicht. De wolken zijn opgetrokken, naast ons ligt Mawenzi Peak te blinken in de zon en onder ons ligt er een fantastisch wolkendek. Bovendien neemt het zonnetje mijn allerlaatste zorgen weg: mijn hoofdpijn is als sneeuw voor de zon verdwenen. Morgen gaan we opnieuw 1.000 meter hoger!
Kibo op 4.700 meter
Net zoals gisteren zijn we voor 7hr op pad. De eerste 2 uur zijn bijzonder zwaar en stijl. Voorlopig is het weer ons echter goed gezind en kunnen we klimmen onder een stralend blauwe hemel. Het moet niet altijd grauw en grijs zijn natuurlijk. Ook op onze weg komen we het zogenaamde “last waterpoint” tegen. De laatste plek waar je nog water kan vinden. Helaas voor ons is er hier amper water. Ik had een lege fles mee om te vullen, dat zal voor een andere keer zijn.
Ongeveer halverwege nemen we even een korte pauze aan de lunchsite. Daar komt ook Maria toe met haar man. Ze heeft hoofdpijn en voelt zich misselijk: duidelijk symptomen van hoogteziekte. Ik geef haar 4 pillen Diamox en gaaf haar de raad om één pil te nemen met een zware pijnstiller. Dat zou moeten helpen. Diamox is een geneesmiddel dat schijnbaar helpt tegen hoogteziekte al dient het voornamelijk om epileptische patiënten te helpen. De één is er voorstander van, anderen beweren dat het niet helpt: mijn gids is alvast een groot voorstander. Ik heb het tot nog toe niet genomen, al kan dat misschien nog veranderen.
Ik laat mijn Braziliaanse vrienden achter en trek langzaam hoger. Het is hier merkelijk kouder en de wind waait ongenaakbaar hard in ons gezicht. Het lijkt wel of we trekken door een soort maanlandschap. Alle begroeiing is verdwenen op enkele mossen en kleine vetplantjes na. Hier leeft niet veel meer, zoveel is duidelijk. De laatste hut, de Kibo hut, ligt op een hoogte van 4.700 meter wat amper een 110 meter lager is dan de top van de Mont Blanc! Wij moeten nog een kleine 1.200 meter hoger om de top te halen. Wanneer ik aan Kibo aankom heb ik aan de linkerkant van mijn gezicht hoofdpijn. Ik heb het vermoeden dat het door de snijdende wind komt doch ben niet zeker. Vermits de Diamox bij Maria wonderen heeft verricht neem ik er ook één in combinatie met een Brufen.
De meeste klimmers eten een kleinigheid (voor zover ze dat nog kunnen), leggen hun materiaal klaar voor de toppoging en kruipen dan in hun slaapzak zodat ze tegen middernacht toch wat kunnen slapen. Ik niet: ik eet wat, leg mijn materiaal klaar en trek er op uit. Ook nu, ondanks de zware nacht die me te wachten staat vind ik het belangrijker om wat hoger te trekken en in de frisse lucht rond te lopen dan in een duffe slaapzaal te liggen. Ook het zonnetje is nog van de partij en mijn vrienden hebben hetzelfde plan opgevat. Samen trekken we een kleine 100 meter hoger en genieten daar van de zonsondergang. Laat ons hopen dat we de zon opnieuw kunnen verwelkomen op of rond de top morgenvroeg. Feit is wel dat het bijzonder frisjes wordt wanneer de laatste zonnestralen ons verlaten, om het woordje ijskoud niet te gebruiken.
Klaar voor een nachtje stappen...
Vooraleer ik rond 18hr in mijn slaapzak kruip overleg ik nog even met Alphani over het tijdsschema voor vannacht. Bedoeling is om rond 22hr op te staan zodat ik rond 23hr aan mijn nachtelijke beklimming kan beginnen… Dat is dik 2 uur voor de rest, doch dat geeft me de kans om extra langzaam te klimmen. Wegens het overslaan van mijn acclimatisatie wil ik geen risico lopen te snel te gaan. We zullen binnen enkele uren zien hoe we ons voelen…
Dag 4: Kibo Hutten (4.700 meter) => Top (5.895 meter) 7 uur stappen
Eigenlijk is het nog steeds dag 3 wanneer ik rond 22hr30 uit mijn bed kom gekropen. Om de een of andere reden is mijn gids me nog niet komen wekken en ook van de kok is geen spoor. Ik vermoed dat ze zich verslapen hebben. Maakt me niet uit. Het belangrijkste is dat ik anderhalf uur heb kunnen slapen en dat mijn hoofdpijn volledig verdwenen is. (Diamox ???) Ik kleed me aan en trek op onderzoek uit. Mijn vermoeden bleek algauw de waarheid wanneer ik de kok in de keuken aantref waar hij in allerijl water aan het koken is voor mijn soep met brood. Even later meldt ook Alphani zich en kunnen we ons samen voorbereiden op wat komen gaat. Na een kom soep en enkele sneden brood met een extra dikke laag boter ben ik er klaar voor.
Mijn gids is echter super: hij zal mijn rugzak dragen naar de top. Ik ben er niet rauwig om: de voorbije dagen heb ik een lelijke stekende pijn in mijn linkerschouder bemerkt. Een pijn die er alleen maar erger op werd. Daar gaan we nu echter niet van wakker liggen doch zelfs wanneer ik geen last draag voel ik pijn. Dat wordt enkele beurten kiné eenmaal terug thuis.
Afzien in de koude op weg naar de top
23hr15:
De start van de eigenlijke tocht. Al de rest de voorbije dagen was opwarming. Het is misschien een beetje overdreven, maar het is pas hier en nu dat de koude, het gebrek aan slaap en de gevolgen van de ijle lucht zich laten gewaarworden. De komende uren moet het gebeuren. Hier heb ik de voorbije maanden naartoe geleefd. De route is bijzonder zwaar met stukken tot 45° hellingsgraad. Dit steile stuk duurt tot Gilmans Point, op een hoogte van 5.681 meter. Van daaruit trek je dan op de rand van de krater naar de eigenlijke top die nog dik 200 meter hoger ligt. Dit laatste stuk is echter minder steil.
Al van bij de start aan de Kibo hut hoop ik om zonder hoofdpijn tot aan dat befaamde Gilmans Point te geraken. Dat wordt mijn doel. Langzaam trekken we de donkere nacht in onder een bedekte hemel. Er valt een klein beetje sneeuw, er staat een lichte wind en de temperatuur is 6 graden onder nul. Al bij al betrekkelijk goede omstandigheden om het waar te maken. Af en toe hou ik halt om wat te drinken en tot grote verbazing van mijn collega klimmers heb ik honger als een paard onderweg. De meesten klimmers zijn aardig misselijk door de inspanning en de hoogte doch ik word niet veel gewaar. Enkel mijn maag laat me weten dat er dringend gegeten moet worden. Zo komt het dat u op zondagochtend 18 oktober me had kunnen tegenkomen op de flanken van de Kili al… lunchend. J Zo vertelden Julio en Luke me na de beklimming dat ze ontzet waren dat ik ter hoogte van de Hans Meyer Cave (5150 m) op mijn gemakje een bifi worstje aan het eten was. Het was een teken van mijn goede vorm vermoed ik…
Massa's ijs nabij de top
Na die grot is het nog een dikke 2 uur doorgaan naar Gilmans Point. Vooral het laatste uur is loodzwaar. Dikke rotsblokken versperren continu de weg en mijn gedachten gaan vooral uit naar de afdaling straks. Want “what goes up must come down” natuurlijk. Ondertussen is de gezondheid nog steeds top en ook de hoofdpijn blijft verrassend genoeg achterwege. Voorlopig dan toch… Dan is het zover. Iets na 4hr in de vroege ochtend sta ik op Gilmans Point! Een voorlopig hoogtepunt in mijn beklimming en wegens de goede vorm weet ik dat ik de top zal halen. Daar op meer dan 5.600 meter boven zeeniveau rollen de eerste tranen van geluk over mijn wangen. Ook Alphani is in goede doen en ziet dat het goed zit. De top is nu nog maar een formaliteit, dat weten we beiden. Ook hier moet ik een hapje eten want mijn honger is niet te stillen. Dat kleine stukje cake dat in mijn lunchzakje zit moet eraan geloven, al is het dan wel stijf bevroren. Met een temperatuur van -15° is dat ook niet verwonderlijk.
De vorm is zo goed dat ik foto’s blijf nemen en zelfs een stukje tracht te filmen. Langzaam verschijnt er ook een gloed in het Oosten. De zonsopgang komt eraan. Ik popel van ongeduld om eindelijk die top te zien. De ene heuvel na de andere volgt en links zie ik in de eerste ochtendschemering de zuidelijke gletsjer opdoemen. Man, dat ding is gigantisch. Willy Troch had me voor het vertrek al gezegd dat die gletsjers reusachtig waren, doch zo groot had ik ze me niet voorgesteld. Muren van massief ijs doemen op in de eerste ochtendschemering.
Eindelijk... Op de top iets na 6hr in de ochtend!
6hr05:
Eindelijk is het dan zover. De top ligt op amper 100 meter voor me uit. Een laatste inspanning, nog enkele passen en ik ben er. Het klinkt verwaand maar verrassend vlot bereik ik het hoogste punt van Afrika. Ik sta nu op een hoogte van 5.895 meter en voel me super. Een lichte roes in mijn hoofd, een begin van hoofdpijn maar verder ben ik in topvorm. De tranen rollen over mijn wangen, Alphani en ikzelf voeren een korte vreugdedans uit en samen genieten we van het moment. Ik neem ruimschoots de tijd om foto’s te nemen met mijn camera (mijn back up camera kan de koude niet aan en geeft de geest) en om te poseren voor het sein op de top. Het uitdoen van mijn handschoenen was echter geen goed idee: mijn duim en wijsvinger zullen bijna 24 uur lang gevoelloos blijven. Een kleine herinnering van hoe koud het hier werkelijk is… (-18°)
De zonsopgang meemaken op dit punt is een uniek gegeven. Ik heb na meer dan 2 jaar wachten eindelijk kunnen afrekenen met mijn demonen en heb van deze tocht een succes weten te maken door heel geduldig en langzaam deze gigant te beklimmen. Wanneer ik de rekensom maak dan ben ik amper 70 uur na mijn vertrek uit het hotel erin geslaagd om een hoogte van 4.000 meter te overbruggen. Wat een gevoel…
Maar hier blijft het niet bij. Daar waar de meeste klimmers dromen van een luilekker vakantie op een tropisch strand op Zanzibar of een safari na deze beproeving kijk ik al uit naar mijn volgende top. Deze was alvast de perfecte “test case” voor mijn beklimming van Mount Aconcagua (6.962 m) volgend jaar in Argentinië…
One life… Live it!
Wim De Backer
29 oktober 2009












Beste Wim,
gefeliciteerd met je beklimming en je mooie verhaal!
Bedankt voor het kiezen van 7summits.com voor het organiseren van je expeditie, zien we je volgend jaar in Argentinie?
Met vriendelijke groet,
Harry Kikstra
7summits
Dikke proficiat Wim !
Wat een enorme overwinning weeral, knap gedaan !!
Je teksten zijn heel aangenaam om te lezen, dank je voor het laten
meegenieten en hop naar devolgende zeker ….
Fangroeten,
Simonne
Proficiat,
En de volgende keer nog wat hooger dat van Argentinie is maar vals plat haha.
Je kunt beter al wat oefenen in belgie BV : beklim maar eens de berg van waterloo daar kan je ook mooie foto’s trekken. Ik heb genoren van uw tekst en foto’s het is goed en vakkundig uitgelegd.
groeten
IVO
Hallo Wim,
De beste wensen voor 2010!
Volgende week vertrekken we om de Kilimanjaro tebeklimmen, graag hadden wij enige ideëen gehad betreffende de fooien op de beklimming.
Daar er uiteenlopende bedragen circuleren op internet?
Zeer mooie site en veil reisgenot!
Groetjes Kris